Goudmijnen hebben de afgelopen vijftien jaar niet alleen veel geld geleend om hun mijnbouwactiviteiten uit te breiden, ook haalden ze veel geld op bij beleggers door middel van uitgifte van nieuwe aandelen. Dat blijkt uit een analyse van de vijf grootste goudmijnbedrijven door SRSRocco.

Hadden de vijf grootste goudproducenten ter wereld (Barrick, Newmont, AngloGold, Goldfields en Goldcorp) in het jaar 2000 in totaal 1,39 miljard aandelen uitstaan, eind 2014 was dat toegenomen tot 3,65 miljard. Dat is een toename van 2,2 miljard aandelen in een periode van veertien jaar.

Lagere opbrengst per aandeel

Maar hebben de goudmijnen met al dat extra eigen vermogen ook meer goud weten te produceren? Het antwoord op deze vraag is verrassend genoeg nee. Produceerden deze vijf goudmijnbedrijven in 2000 gezamenlijk 23,6 miljoen troy ounce, in 2014 was dat slechts 20,9 miljoen troy ounce.

Deze cijfers bevestigen dat het voor goudmijnen steeds moeilijker en kostbaarder wordt om goud uit de grond te halen. Zetten we de productie van de vijf grootste goudmijnen af tegen het aantal uitstaande aandelen, dan zien we deze trend ook terug.

 

In 2000 stonden er gemiddeld 59,2 aandelen tegenover elke geproduceerde troy ounce goud. In 2014 was die verhouding opgelopen tot 174,7 aandelen voor elke troy ounce goud. Je hoeft geen expert te zijn om te zien dat de gemiddelde opbrengst in goud per aandeel al jaren daalt. Deze trend is, samen met de lagere goudkoers, verantwoordelijk voor de enorme waardedaling van de goudmijnaandelen.

Meer schulden…

De vijf grootste goudmijnbedrijven hebben niet alleen meer aandelen uitgegeven om nieuwe projecten en overnames te financieren. Ook leenden ze in de hoogtijdagen miljarden dollars bij. Hadden de vijf grootste goudmijnbedrijven in 2002 in totaal $7,2 miljard aan vreemd vermogen op de balans staan, in 2014 was dat opgelopen tot $58,5 miljard.

Barrick, Newmont, AngloGold, Goldfields en Goldcorp hadden in 2000 voor iedere troy ounce aan goud $305 aan schuld op de balans staan. In 2014 was dat maar liefst $2.800 voor iedere troy ounce goud.

Volgens SRSRocco hadden goudmijnen zonder het uitgeven van extra aandelen en het uitbreiden van hun schuldpositie nooit zoveel goud kunnen produceren als ze nu doen. Daaruit trekt hij de conclusie dat de goudprijs kunstmatig laag wordt gehouden, want zonder alle extra financiële middelen was het aanbod van nieuw goud uit de mijnen veel lager geweest.

De analyse van SRSRocco leert ons dat goudmijnaandelen niet slechts een hefboom op de goudprijs zijn, maar dat er ook veel meer risico’s aan kleven. Een verwatering van het aantal aandelen kan je opbrengst nadelig beïnvloeden. Zoek je primair bescherming van je vermogen, dan is fysiek goud kopen een veiliger alternatief. Wil je meer risico in je portefeuille, dan kun je daar goudmijnaandelen aan toevoegen. Want als de goudkoers stijgt, dan nemen de winstmarges van de mijnen meer dan evenredig toe.