De inflatie blijft wereldwijd pieken. Van verwachtingen en historische correlaties blijft niets over. Het bloedbad op de mondiale obligatiemarkten werd vorige week nog intensiever: het rendement op tienjarige staatsobligaties kwam in de buurt van het psychologische niveau van 2,5%, en ging deze week al meteen overheen. De mondiale aandelenmarkten wisten juist goed stand te houden, nu beleggers graag activa kopen om enige bescherming te hebben tegen de scherp stijgende prijzen.
Vooral de opkomende markten profiteren van deze trend, want de prijzen en de schaarstewaarde van de commodity’s die zij exporteren, blijven stijgen. De Braziliaanse real – die al geruime tijd onze favoriet is – verdient een eervolle vermelding, met een razendsnelle stijging van 5% vorige week en een verbluffende 18% tot nu toe dit jaar. De yen deed het opnieuw het slechtst. Er ontstaat een steeds grotere kloof tussen de ‘dovish’ Bank of Japan en andere G10-banken, die geneigd zijn hun beleid aan te scherpen.
Deze week staan de inflatiecijfers centraal, met name in de eurozone. We verwachten dat het flash-inflatiecijfer van maart, dat vrijdag bekend wordt gemaakt, opnieuw een record zal zijn. In de VS verschijnt donderdag het PCE-inflatierapport, maar dat is van februari en geeft dus niet veel nieuwe informatie. Ten slotte krijgen we vrijdagmiddag het Amerikaanse banenrapport, waarbij de meeste aandacht zal uitgaan naar de loonontwikkeling. Die loopt tot nu toe achter op de prijzen en wakkert de ontevredenheid van de kiezers over de democratische regering in Washington aan.
Marktstrategen blijven hun prognoses voor de commodityvaluta naar boven bijstellen – conform de ‘bullish’ verwachting die wij al geruime tijd hebben. De inflatoire omgeving zal nog wel een tijdje blijven bestaan. Daardoor hebben valuta van opkomende markten en van G10-landen die netto-exporteurs van commodity’s zijn, de wind in de rug. Hieronder de belangrijkste valuta in detail.
De PMI-indicatoren voor economische activiteit waren beter dan verwacht. Ze wijzen erop dat de oorlog in Oekraïne slechts een lichte stagnatie van de economische activiteit in de eurozone veroorzaakt. De IFO-indices voor het ondernemersvertrouwen in Duitsland waren slechter, maar wij denken dat de PMI’s een beter beeld geven van de te verwachten economische groei. Het monetaire beleid en het begrotingsbeleid zullen voorlopig uiterst stimulerend blijven. Een recessie is volgens ons uiterst onwaarschijnlijk. Door de sterke stijging van de energieprijzen zou de inflatie in maart, die donderdag bekend wordt gemaakt, wel eens meer dan 7% kunnen zijn. Verwacht wordt dat ook het kerncijfer een sprong zal maken. De markten prijzen in dat de ECB pas eind 2022 de rente gaat verhogen, maar wij worden steeds sceptischer en denken dat het goed mogelijk is dat de centrale bank door de actuele cijfers gedwongen zal worden om dit al voor de zomer te gaan doen. Het inprijzen hiervan door de markten zou steun voor de euro moeten opleveren.
Hoewel de economen hun prognoses voor de inflatie in het VK snel bijstellen, zijn de daadwerkelijke cijfers toch steeds weer een opwaartse verrassing. In februari stegen de prijzen met 6,2% op jaarbasis. Dit nieuws maakte het Britse pond zwakker. Na de ‘dovish’ mededelingen bij de laatste bijeenkomst van het MPC beginnen de markten zich af te vragen of de Bank of England wel stevig genoeg wil ingrijpen om de inflatie onder controle te krijgen. Deze week staan de MPC-leden in de rij om in het openbaar te spreken. Handelaren zullen alert zijn op elk woord dat ze zeggen, op zoek naar meer duidelijkheid na de warrige communicatie bij die bijeenkomst. Het zou ons niet verbazen als de toon opnieuw verandert en de Bank of England beter probeert aan te sluiten bij de communicatie van andere centrale banken. Dit zou het pond de steun geven die het zo dringend nodig heeft.
Door het bloedbad op de Amerikaanse obligatiemarkt gaat het herprijzen van de rendementen op schatkistpapier sneller dan in de afgelopen decennia is vertoond. Brede obligatie-indices hebben tot nu toe dit jaar meer verloren dan ooit. Deze ‘blowout’ van de rendementen heeft de Amerikaanse dollar minder steun opgeleverd dan de vorige keren. Vertegenwoordigers van de Fed doen in groten getale hun best om te laten doorschemeren dat de rente bij elke bijeenkomst zal worden verhoogd en bovendien in dubbele stappen van 50 basispunten. Verwacht wordt dat zowel het PCE-inflatierapport als de banencijfers van deze week heel sterk zijn. De Fed zou dan niets in de weg moeten staan om de rente te verhogen. Op de dollar zal dit niet zoveel effect hebben, want de markt heeft dit jaar al veel aanscherping ingeprijsd en het zal lastig worden om nog meer in te prijzen.
Door: Enrique Diaz-Alvarez
Enrique Diaz-Alvarez is chief risk officer en staat aan het hoofd van het analistenteam van Ebury in New York. Vanwege zijn gedrevenheid, passie en gedegen kennis, wordt Enrique door Bloomberg erkend als een van de meest accurate voorspellers van de marktbewegingen.
Over Ebury:
Ebury maakt internationale markten toegankelijker met valutadiensten op maat en flexibel handelskrediet voor ondernemingen. Ebury werkt samen met ruim 12.000 organisaties en verricht 12 miljard euro aan valutatransacties in 140 verschillende valuta. Het bedrijf heeft kantoren in het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Spanje en Polen. De speerpunten van Ebury:
- Financiële diensten die normaal zijn voorbehouden aan grote multinationals
- Financiering van uw aankopen
- Marktkennis en valutadiensten op maat
- Ons netwerk van liquidity providers en intermediaire banken
- Transacties in ruim 140 verschillende valuta
Meer informatie op www.ebury.nl
Kijk ook eens een keer op ons YouTube kanaal
Namens Holland Gold interviewen Paul Buitink en Joris Beemsterboer verschillende economen en experts op macro-economisch gebied. Het doel van de podcast is om de kijker een beter beeld en houvast te bieden in een steeds sneller veranderend macro-economisch en monetair landschap. Klik hier om te abonneren.