Geregeld laait de discussie weer op of het goud wat de Nederlandse Bank bezit ook wel fysiek bestaat. Meer dan de helft van de goudvoorraad van De Nederlandse Bank ligt op geslagen bij de American Federal Reserve in New York. Daarnaast ligt er voor 20% bij de Canadese Centrale Bank voor bijna 20% in Londen. Er ligt maar 11% van de goudvoorraad in Nederland bij De Nederlandse Bank in Amsterdam, aldus minister van financiën Jeroen Dijsselbloem.
CDA-kamerlid Eddy van Hijum heeft hier kamervragen over gesteld naar aanleiding van de berichten dat Duitsland laat controleren of hun goudvoorraad in het buitenland ook daadwerkelijk fysiek aanwezig is.
Minister Dijsselbloem acht het niet nodig om een dergelijke controle voor de Nederlandse goudvoorraad uit te voeren. Hij verklaart dat het goud ligt bij de Centrale Banken met een 'uitstekende staat van dienst' en dat De Nederlandse Bank elk jaar een verificatie krijgt van de accountant diensten van de Centrale Banken.
De reden dat het goud verspreid ligt over vier locaties wordt verdedigd doordat hiermee de veiligheid en de beschikbaarheid vergroot wordt en dat het handig .
In Duitsland heeft de rekenkamer opdracht gegeven de goudvoorraad te controleren. Net als Nederland heeft ook Duitsland zijn goudvoorraad verspreid over verschillende locaties, waarbij iets minder dan de helft bij de Federal Reserve in New York ligt. Er werd kritiek geuit doordat er al jarenlang vertrouwd wordt op papieren verklaringen dat het goud aanwezig is, zonder dat dit door Duitsland zelf gecontroleerd is. Op dit moment zal de Duitse Centrale Bank 150 ton goud uit New York terug halen naar Frankfurt. Hier zullen de baren bij wijze van steekproef geteld, gewogen en op echtheid gecontroleerd worden.
Al jaren wordt de fysieke aanwezigheid van de goudvoorraad door critici betwijfeld. Er zijn zelfs wel eens berichten uit China gekomen dat er getwijfeld werd aan de echtheid van de goudbaren in Amerika.