Noorse centrale bank luidt post-coronatijdperk in met cyclus van renteverhogingen: Noorse kroon schiet omhoog

 

We zeggen het al een tijdje: de valutamarkten zullen de komende tijd vooral – of zelfs volledig – bepaald worden door het tempo waarin de diverse centrale banken hun beleid verkrappen, en vervolgens vooral door de inflatiecijfers. Dit ging vorige week op voor de Noorse kroon, die toppresteerder werd toen de Norges Bank als eerste van de G10-landen met een cyclus van renteverhogingen begon.

Het valt ons in dit kader overigens op dat de marktverwachtingen ten aanzien van de acties en uitspraken van deze centrale banken opvallend ‘dovish’ zijn. Hoewel de Federal Reserve gewoon leek te bevestigen wat velen al hadden verwacht door aan te geven dat het ‘taperen’ (afbouwen) in november gaat beginnen, reageerde de markt met een forse stijging van de rendementen – wat erop duidt dat de meeste handelaren dit verrassend ‘hawkish’ vonden.

Afbouw monetaire stimulering

De sell-off van Amerikaanse rentepapieren maakte duidelijk dat de markten zich schrap zetten voor de afbouw van de monetaire stimuleringsmaatregelen. De grote valuta uit opkomende markten hadden het hierdoor zwaar te verduren en eindigden de week alle lager ten opzichte van de dollar. De Russische roebel was daarbij een uitzondering: die werd gesteund door de stijgende energieprijzen, vooral in Europa. De gevolgen van de Evergrande-crisis in China blijven nog steeds beperkt.

Nu we de septemberbijeenkomsten van de grote centrale banken achter de rug hebben, zouden de macro-economische cijfers weer alle aandacht moet krijgen, en dan natuurlijk vooral de inflatiecijfers. Deze week wordt het flash-rapport over de inflatie in de eurozone in september gepubliceerd. De markten verwachten dat zowel het headlinecijfer als het kerncijfer een sprong zal maken, en dat de inflatie in de eurozone die in de VS en het VK zal gaan benaderen. Hieronder de belangrijke valuta in detail.

Euro

Net als in de VS beginnen de macro-economische cijfers uit de eurozone op stagflatie te duiden. De PMI-indicatoren voor economische activiteit waren lager (weliswaar vergeleken met de hoge cijfers van vorige maand). Ze stonden in het teken van verstoringen van de toeleveringsketen, productiebeperkingen en toegenomen prijszettingskracht. Wij zijn ervan overtuigd dat het belangrijke flash-inflatierapport van deze week dit bevestigt.

Marktstrategen stellen hun verwachtingen voor zowel het headlinecijfer als het kerncijfer nu opwaarts bij, maar volgens ons is er nog steeds ruimte voor een verrassing. Dit zou kunnen betekenen dat de ECB het zich niet meer kan veroorloven om, in tegenstelling tot andere centrale banken, nog langer te wachten met het afbouwen van de monetaire accommodatie. En dan zouden we ‘bullish’ kunnen zijn over de gemeenschappelijke munt.

Britse pond

Het Britse pond werd heen en weer geslingerd tussen de bijeenkomst van de Bank of England, die overduidelijk ‘hawkish’ was, en de berichten over aanbodbeperkingen, sterk stijgende energieprijzen en het ontstaan van tekorten. De eerste zal volgens ons uiteindelijk de meeste invloed hebben, met name omdat een redelijke kans bestaat dat de rentes in het VK eerder gaan stijgen dan in alle andere grote G10-landen, en misschien zelfs al dit jaar. Wij zien de recente zwakte van het pond als een koopkans, omdat in alle G10-landen in het licht van de aanscherping van het monetaire beleid appreciatie te verwachten is.

Amerikaanse dollar

De septemberbijeenkomst van de Federal Reserve leek de markten te verrassen: men had gedacht dat de boodschap ‘dovisher’ zou zijn, hoewel de suggestie dat al bij de volgende bijeenkomst met de afbouw wordt begonnen, algemeen werd verwacht. Misschien kregen de markten het benauwd van de ‘dot plot’, waarin een meerderheid van de deelnemers aangaf al in 2022 een renteverhoging te verwachten in plaats van in 2023. In ieder geval schoten de rendementen op obligaties in de VS omhoog. De dollar werd daarbij meegesleurd – hoewel de koersstijging gezien de enorme sprong bij de obligaties sterker had kunnen zijn.

Eventuele bewegingen door het conflict over het schuldenplafond kunnen volgens ons deze week genegeerd worden; wij beschouwen dit als zuiver politiek theater. We zullen onze aandacht richten op de publicatie van de PCE-deflator, die van oudsher de favoriete inflatiemaatstaf van de Fed is.

Door: Enrique Diaz-Alvarez

Enrique Diaz-Alvarez is chief risk officer en staat aan het hoofd van het analistenteam van Ebury in New York. Vanwege zijn gedrevenheid, passie en gedegen kennis, wordt Enrique door Bloomberg erkend als een van de meest accurate voorspellers van de marktbewegingen.

Over Ebury:

Ebury maakt internationale markten toegankelijker met valutadiensten op maat en flexibel handelskrediet voor ondernemingen. Ebury werkt samen met ruim 12.000 organisaties en verricht 12 miljard euro aan valutatransacties in 140 verschillende valuta. Het bedrijf heeft kantoren in het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Spanje en Polen. De speerpunten van Ebury:

- Financiële diensten die normaal zijn voorbehouden aan grote multinationals
- Financiering van uw aankopen
- Marktkennis en valutadiensten op maat
- Ons netwerk van liquidity providers en intermediaire banken
- Transacties in ruim 140 verschillende valuta

Meer informatie op www.ebury.nl 

De afbeelding boven het artikel is afkomstig van Quote Inspector en is vrij te gebruiken onder de Creative Commons licentie.